nieuws brochures definitielijst
grootschalig grondverzet

Strategie Bodemsanering Handleiding BRL9330 Certificering Bodemonderzoek Evaluatie Gronddepots


Bij een project als de Betuweroute werd veel grond verplaatst. Binnen de projectorganisatie heette dit grootschalig grondverzet. Omdat het om zulke grote hoeveelheden ging, was het noodzakelijk om het proces van grondverplaatsing zorgvuldig en beheerst aan te sturen. Bij de Betuweroute is dit ook gebeurd. Grondverzet en het management van grondverzet hebben bij de Betuweroute op een voor Nederland vernieuwende wijze gestalte gekregen. Hiervoor is een aantal principes leidend geweest.

Hergebruik grond
Zo veel mogelijk secundair materiaal en grond is hergebruikt. Op zich was dit geen nieuw principe, maar  een van de milieu-uitgangspunten van deze tijd. Hergebruik is bij de Betuweroute wel voor het eerst in Nederland op een dergelijke grote schaal toegepast. In eerste instantie is voor het grondverzet aan gesloten bij de wet- en regelgeving van de bodem. Voor de hele Betuweroute, van zee tot Zevenaar, zijn bodemkwaliteitskaarten en bijbehorende bodembeheersplannen opgesteld. Door de aanliggende gemeenten zijn  deze kaarten tevens gebruikt voor het opstellen van hun eigen Bodemkwaliteitskaart. De Gelderse bodemkwaliteitkaart is later geactualiseerd en is geldig tot 8 oktober 2008. Vanwege de gewijzigde wet en regelgeving tijdens de aanleg van de Betuweroute, waardoor nieuwe bodemkwaliteitskaarten voor infrastructurele werken tijdelijk beperkt toepasbaar werden, is in tweede instantie in het Gelderse deel van de Betuweroute voornamelijk gewerkt met het bouwstoffenbesluit.

De Beoordelingsrichtijn BRL 9330
Grondverzet bij de Betuweroutecontracten in Gelderland vond overwegend plaats op basis van een gecertificeerde wijze van registreren. Dit is afgestemd met de vergunningverlenende instanties en de uitvoerende aannemers. In samenwerking met deze partijen heeft de afdeling Bodemkwaliteit van de Projectorganisatie Betuweroute de BRL 9330 ontworpen. Een beoordelingsrichtlijn voor het betrouwbaar classificeren van milieuhygiënische kwaliteit (en toepassingsmogelijkheden) van de grond. Grondonderzoek volgens de BRL 9330 betekent gebruik maken van verkennend onderzoek en steekproefsgewijs partijkeuringen doen. Dat bespaart tijd en geld. Onderzoek van een grondgebied levert bepaalde verwachtingspatronen op. Met behulp van statistiek is dan vast te stellen hoeveel steekproeven nodig zijn om betrouwbare uitspraken te kunnen doen over de kwaliteit van de grond. Het is dan niet nodig om op elke plek proeven uit te voeren. Het verkennende onderzoek en de steekproeven worden vervolgens gecombineerd, en op basis van deze uitkomsten is grond te classificeren. Inmiddels is de Beoordelingsrichtlijn nationaal vastgesteld door het hoogste bevoegd gezag: het ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu en het ministerie van Verkeer en Waterstaat.

Functioneel saneren
Het eerste uitgangspunt voor het saneren van verontreinigde grond was het principe “De vervuiler betaalt”, dus de kosten worden verhaald op diegene die de vervuiling heeft veroorzaakt. Het tweede uitgangspunt was dat er functioneel, in plaats van multifunctioneel gesaneerd wordt. Dat wil zeggen dat grond niet meer in alle gevallen uitputtend wordt schoongemaakt. De bodemverontreiniging werd alleen nog verwijderd voorzover dat nodig is voor het veilig en verantwoord gebruik van de bodem. Het besef begon te ontstaan dat multi-functioneel saneren in veel gevallen niet nodig is. Het project Betuweroute heeft hier zeker aan bijgedragen.

 

 

 



Reageren 
<<
links contact sitemap gebruiksrechten disclaimer colofon